Kun je gek worden van schaken?

Geen flauw idee! Niettemin stellen sommigen de vraag: hebben in het bijzonder schakers aanleg voor waanzin? De ongerusten onder ons wijzen dan op de eerste (officieuze) wereldkampioen Adolf Andersen, aan wie inderdaad een steek je los zat; of Morphy, een schaakgenie dat krankzinnig eindigde. Ze noemen ook Steinitz, die droomde dat hij tegen God speelde en Hem een paard voorgaf; of Zukertort en Pillsbury, die in een gesticht terecht kwamen.

Veel in schaken geïnteresseerden herinneren zich het opzienbarende gedrag van Bobby Fischer tijdens de match om het wereldkampioenschap op IJsland in 1972. Dus toch? De grootste gek op schaakgebied is geen historische figuur maar de hoofdpersoon uit een verhaal van Stefan Zweig “Schachnovelle”.

Er zijn meer voorbeelden in de literatuur van schakers die gek zijn of het worden. Ze worden meestal niet opgesloten, omdat ze ongevaarlijk zijn, en dat is een van de aardige kanten van het schaakspel. Schaken is schuiven met houtjes, maar er komen sterke emoties bij los. In dat gescharrel met stukjes palmhout (tegenwoordig ook plastic) wordt heel wat spanning en creativiteit geïnvesteerd. Dat dan soms de grens van gewoon en vreemd overschreden wordt, ligt voor de hand.

Bij RSG heb ik dat nog niet waargenomen, ook geen tijdelijke gekte. Maar je weet het nooit zeker!

:!chess:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *