Schaak-off: dat gaan we vaker doen

De schaakbond kwam vorig jaar met een goed idee: Organiseer een schaaktoernooi, waaraan iedereen, leden en niet leden, gratis mee kan doen. In heel het land en in dezelfde periode. Na een lokale en een regionale ronde wordt uiteindelijk een landelijke finale gespeeld met de besten. Een simpele en effectieve manier om de vele huis- en coronaschakers achter de gebreide broek of de laptop weg te trekken en in contact te brengen met hun lokale schaakclub.

Alert als altijd meldde RSG zich dit jaar aan en drie belangstellenden meldden zich bij de Veestallen. Zij werden ingedeeld met nog 7 RSG-leden (waarvan Bas en Frank ook al splinternieuw!) in twee groepen van 5. Na een snelle en slagvaardige indeling en een spoedcursus klokken instellen konden de matadoren aan de slag. Daarbij bleken de overige RSG-leden graag bereid de nieuwkomers hier en daar te ondersteunen en bij te praten over de do’s en don’ts, eigen ervaringen en clubleven. 

In de eerste groep won Ted naar verwachting vrij gemakkelijk, maar in de tweede groep kende ene onverwachte winnaar: De jongste van het stel, Jasper (15!) veegde zijn tegenstanders snel en effectief van het bord, ook een ervaren en gelauwerde tegenstander als Frans moest er aan geloven. Jasper gaat door naar de volgende ronde en zijn eventuele successen zullen wij dan met groot plezier aan onszelf toerekenen. 

Of de overige spelers zich gaan aanmelden bij RSG is nog niet zeker (o.a. door onregelmatig werk). Wel zeker is dat het beproefde RSG-concept “serieus gezellig” ook door deze schakers werd gewaardeerd.

Wordt vervolgd, derhalve!


Allemaal in de fontein!

Dat ontbreekt nog aan de plannen van de nieuwe coalitie: Een fontein voor onze fans, om in te duiken en om de uitzinnige taferelen enigszins in goede banen te leiden.

Wij hadden alle scenario’s doorgerekend. Wanneer Staunton met 8-0 zou winnen (onwaarschijnlijk natuurlijk), dan zouden wij aan 2 punten (=4 remises) voldoende hebben voor het kampioenschap. Diskwalificaties ontlopen, geen punten in mindering en de tegenstander waar wij die twee punten moesten ophalen stond onderaan.
Gesterkt door deze statistische wetenswaardigheden gingen wij op pad naar Best, waar we opgewacht werden door een piepjong team onder leiding van de ook in Roosendaal bekende coach Dolf Meijer.

Een heuse wedstrijdleider zag toe op de gang van zaken, een moeder zorgde voor koffie en fris, de sfeer was uitstekend. Mijn 10-jarige tegenstander speelde razendsnel, maar niet heel nauwkeurig. Na 37 zetten had hij een minuut meer dan bij aanvang, maar stond hij inmiddels mat. Over een paar jaar maak ik natuurlijk geen schijn van kans meer tegen deze jongen.

Ook Marc was vrij snel klaar. Na een geslaagd pionoffer kon de koning van zijn tegenstander niet meer veilig wegkomen. 2-0 en we waren virtueel kampioen.
Jacques gaf in een goede stelling een volle toren weg en kon snel opgeven, maar Nico zette een positioneel overwicht rustig om in steeds meer materiaal, 3-1 inmiddels, waarna Suus een lastig toreneindspel fraai verzilverde.

André had het ondertussen knap lastig. In een gelijke stand probeerde hij de zaak te forceren, maar werd snel en vakkundig uit de droom geholpen. Geen 100% score meer, maar ook geen consequenties voor zijn Dréting en het was 4-2.

Hans had inmiddels het buitengewone genoegen om tegen Dolf te spelen. Die viel in voor een speler die niet op kwam dagen. Hans wist de stelling lang gelijk te houden, maar werd uiteindelijk vakkundig klemgezet en moest twee pionnen inleveren: 4-3

Ted mocht de kroon op het werk zetten: Na een lang gelijk opgaande partij wist hij met tactische dreiging de zwarte stelling te slopen.
Eindstand 5-3, ik voorspel Best Moves een mooie toekomst.

Bij Ampie werd door het voltallige team onder het genot van goede wijnen en spijzen nog wat nagenoten, terwijl onze fans (knap vermomd als postbezorgers) voor in het café feestvierden.

Het was een mooie dag.
En Staunton won wel degelijk met 7 ½ –  ½

Hulde aan ons zaterdagteam, zeker ook aan Arco, Pieter, Frans en Rob die het nodige aan het eindresultaat hebben bijgedragen.

Uw captain


Strijdend ten onder

Waarin onze helden aan vertwijfeling ten prooi zijn

Een vraag die ons sterk bezighield bij de laatste twee ronden van ons optreden in de avondcompetitie: Wanneer je laatste wordt, wat gebeurt er dan? Degraderen kan niet. Word je veroordeeld tot het spelen van play – offs tegen een team uit Emmer-Compascuum?  Of moet je een klok inleveren?

Waarin de kansen lijken te keren

Tegen Raadsheer werd enkele weken geleden een knappe zege behaald. Dankzij krachtdadig optreden van onze man aan bord 4 (Slot op de deur, Zekerheidje), wisten Dré, Nico en Hans aan de borden 1 tot en met 3 zich verzekerd van een goede uitgangspositie. Drie felbevochten remises brachten het matchpunt binnen.

Waarin onze helden in grootse stijl ten onder gaan

Hoe anders verging het ons in Breda. De Baronie, onze concurrent voor de rode lantaarnpositie, had zich verschanst in een speelzaal met een parkeerplaats op grote afstand. De route leidde langs drukbezette terrassen aan de Ginnekenmarkt, die op zo’n zomerse avond minder standvastige zielen gemakkelijk tot andere bezigheden zouden kunnen verleiden dan het verzetten van houten poppetjes onder een TL-balk. Zo niet onze helden! Zonder morren zetten zij zich aan de zware taak om een goed resultaat neer te zetten, met ware heldenmoed, vastbesloten om geen van onze 23 overtollige klokken uit handen te geven.
Lange tijd gingen de partijen gelijk op. Jacques leek aan bord 1 comfortabel te staan, Suus stond degelijk in een Siciliaan, Hans en Uw Dienaar bekeken van twee kanten de narigheid die ontstaat na  1. d4 en 2. Lf4. Veel gesloten stellingen, weinig materiaal geruild, de tijd werd volledig gebruikt. Toen de speelzaal al leger en leger raakte (de lokroep van de terrassen?) moest Jacques zich gewonnen geven. De dame van de tegenstander had meer ruimte en gebruikte die slagvaardig. Suus zag één van zijn remisevoorstellen beantwoord met een gemene vork, waarna het 2-0 was.
Ondanks dappere pogingen was er aan de borden 3 en 4 toen al niets meer te halen dan remise.

De Baronie C – RSG B          3 – 1

Een uiterst eervolle laatste plaats in de competitie, behaald met strijdlust en nimmer aflatend goed humeur. Emmer-Compascuum is gewaarschuwd!


teleurstellend, maar verheugend

Uit rooksignalen is mij gebleken, dat het avondteam RSG B op onderhoudende wijze gelijk gespeeld heeft tegen ESV Rode Lopers A, nummer twee van de competitie.
Dat is gezien de gemiddelde rating enigszins teleurstellend, maar gezien de stand op de ranglijst verheugend.
André speelde aan het eerste bord, stond verloren, maar op de vleugels van de niet aflatende successen van de laatste weken wist hij toch te winnen. Jacques aan bord twee liet zien dat het ook anders kan, nl. gewonnen staan, maar toch verliezen.
Nico en Suus hielden hun partijen remise.
Dat nog niet iedereen de zomertijd tot zijn bioritme heeft toegelaten had helaas zijn effect op tijdige aanvang van de partijen en op correct gastheerschap.

Nog twee ronden te gaan, oordeelt u zelf:

Stand na Ronde 7

TeamMPBP12345678
1. BSV B812.5433
2. ESV Rode Lopers A710.50332
3. Raadsheer B47.514
4. SG King D47.522
5. DSC C361023
6. Baronie C2722
7. RSG B26.512½12
8. SV Oisterwijk A26.5122

klaverjassen bij de buren

Het kan nog wel: In Best met 8 – 0 verliezen en Staunton met twee monsteroverwinningen langszij zien komen. Wie herinnert zich niet de voetbalwedstrijd Spanje – Malta met de onwaarschijnlijke uitslag 12 – 1. Nederland uitgeschakeld voor het EK 1984, terwijl trainer Kees Rijvers rustig zat te klaverjassen bij de buren…
Op 23 april weten we iets meer, want dan speelt Best Moves een inhaalwedstrijd tegen Staunton. Ik zou het niet sportief vinden als we dan in de weer gaan met voodoo-poppen en parapsychologen (is dr. Zoechar nog beschikbaar?), maar ik kan jullie niets verbieden.

Zaterdag jongstleden vond een fel lijf-aan-lijfgevecht plaats aan de krappe tafels van de Veestallen. De Oude Toren uit Berkel Enschot staat tweede op de ranglijst (Staunton heeft een ronde minder gespeeld). Op grond van de rating was misschien de verwachting dat de hoge borden voor ons de punten binnen moesten halen en de lagere borden de schade moesten beperken.
Vanwege de grote belangstelling om ook eens van een winnend team deel uit te mogen maken, stond ik mijn plaats grootmoedig af om naast de doos met verbandmiddelen, krik, reservewiel en de natte spons mijn team te steunen. Nico stond op het golfveld aan zijn handicap te werken.

De meeste aandacht (van alle spelers) trok de partij van André aan bord 5. Zijn tegenstander gebruikte nauwelijks tijd en trok in wild west-stijl ten aanval. Twee torens investeerde hij in die aanval, die na secuur verdedigen door André en ontwijken van eeuwig schaak al snel doodliep. Puntje voor ons.
Ondertussen stonden Jacques en Arco goed, maar van de overige partijen was nog weinig te zeggen. Marc had de koning van zijn opponent in een kooi gezet, waar die niet uit losgelaten kon worden. Met gereduceerd materiaal en ongelijke lopers werd snel tot remise besloten. Inmiddels scoorde Jacques een fraai punt in een stelling met enkele gelijktijdige penningen.

Rustig spelend bouwde Arco zijn voordeel uit tot maar liefst vier vrijpionnen. Winst was een kwestie van tijd, maar ondertussen vielen de klappen aan de andere kant. Suus was aan bord 6 tegenover een voor het eerst opgestelde sterke speler terechtgekomen. Hij hield goed stand in een ogenschijnlijk volkomen gelijk eindspel. Eén foutje bleek toen echter fataal.
Terwijl aan bord 1 en bord 8 door Ted en door Pieter zeer tactisch de vrede werd getekend, beide in gelijkwaardige, maar nog niet helemaal uitgespeelde stellingen, kapseisde Hans aan bord 7. Hij had een stuk gewonnen, maar daardoor raakte zijn stelling enigszins uit evenwicht. Winst was wel degelijk mogelijk, remise zeker, maar in het eindspel greep hij mis en moest het punt aan de tegenstander laten.
Omdat Arco inmiddels onverstoorbaar de winst had binnen geroeid, leidde dit niet tot schade:
4 ½ – 3 ½ tegen onze naaste belagers.          

Op 23 april kunnen we onder het klaverjassen bij de buren geruisloos kampioen worden van de klasse 6F van de landelijke competitie der Koninklijke Nederlandse Schaakbond.

Zo niet: dan moeten we op 21 mei tegen Best Moves onbarmhartig toeslaan.


omtrent veerkracht

Wanneer men een vreemde schaakmogendheid benadert, geschiedt dit het best door in steeds kleinere cirkels rond het clubhuis te rijden. Na een concentrische inventarisatie van het strijdterrein en de belendende percelen, kwamen wij duizelend van de vele indrukken aan in de pastorie in Dongen, waar men reikhalzend naar onze komst uitkeek.
Ook waren speciaal voor onze komst geplastificeerde gedragsregels over het gebruik van WC-papier en het bedienen van de verwarming aangebracht. Kennelijk moeten we nog werken aan ons imago.

De sfeer was gemoedelijk, de pastoriehond betrok zonder aanzien des persoons iedereen in zijn warme aandacht, er was een ruim bemeten koelkast met dranken. En we hadden gemiddeld ruim 100 Elopunten meer dan DSC-C.  Kortom: een ideale situatie om de schande van de laatste plaats in de competitie teniet te doen.
Toen ik na een half uurtje eens rond ging kijken, leken we aardig op streek: André aan bord 1 stond actief, Jacques toog met een dame op d4 ten aanval. Captain Hans en ik stonden degelijk. Hier was beslist uitzicht op een kleine overwinning, met optie op een historische zege.
De volgende wandeling leverde een ander beeld.
André was een pion kwijt, maar zijn stukken stonden actief, de stelling van Jacques was in een ravage veranderd omdat stukwinst dameverlies betekende. Hans, herstellende van ziekte en hondenbeten (niet van de pastoriehond), was ook al een stuk kwijt, ik stond nog steeds goed. Oordeel en plan: dichtknijpen die billen en hopen op misgrepen bij de tegenstanders.
Toen ik – misgrepen van mezelf en die van mijn tegenstander negerend – de winst binnenhaalde, was bovenstaand plan al achterhaald. Dré verloor en kreeg de complimenten voor zijn goede spel, Jacques verloor zonder complimenten en Hans miste de kans op pat in de slotstelling.

Omdat we op de heenweg het terrein goed hadden leren kennen, namen we over het fietspad de kortste weg naar huis.
Bij thuiskomst nog een inzicht: De auto van Jacques heeft nogal een lage instap. Wie ziet hoe wij onszelf na een lange rit uit het vervoermiddel hijsen, zal zich de veerkracht kunnen voorstellen waarmee wij de volgende ronden zullen toeslaan. Met ons zijn ze nog niet klaar, al is er ruimte voor verbetering.

DSG C – RSG B  3 -1


Er dreigt een kans…

Wie op weg gaat naar Steensel neme bij voorkeur een GPS van 17 jaar oud, want zo kun je de A2 (geen veld op het schaakbord, maar een snelweg) op verscheidene manieren missen. Met Marcs warme worstenbrood en een goed humeur waren we onderweg, 7 man sterk. Dat is er eentje te weinig, maar datzelfde euvel speelde bij onze tegenstander, zodat er een bordpunt minder te verdelen was.

We waren te gast in buurthuis de Höllekes, vaste locatie van de Kemppion (die van “we are the Kemppions”), één van de drie verenigingen die samen extern spelen onder de naam Kempen Combinatie. Prima zaal, goed functionerende bar, niets op aan te merken.  Teamcaptain en eerstebordspeler was oud-Roosendaler Loek Overes.

Toen de partijen begonnen ging Frans aan bord 7 als een dolle te keer: open lijnen en diagonalen, vorken en familieschaakjes, er was geen houden aan. Zijn tegenstander kon enige kreunen van ontzetting niet onderdrukken en moest opgeven. Toen waren we nog maar net een uur bezig.

Ook aan mijn rechterzijde was gekreun te horen: Dré pakte aan het vijfde bord een centrumpion mee en koerste snel af op zijn vijfde zegen in vijf ronden, voor het eerst tegen een tegenstander mét een rating!    Ik kreeg aan bord zes b4 tegen me (geen snelweg, een veld op het bord), kwam gedrukt te staan, maar door wat mindere zetten raakte wit het initiatief kwijt en kon ik snel het punt noteren. Daarop verplaatsten wij ons naar de bar, waar het met onze tegenstanders nog zeer gezellig werd. De wereld is diverse malen verbeterd, de voordelen van korfbal boven bridge (=gemengd douchen) zijn besproken en het DKR is door ons in uiterst verleidelijke termen gepresenteerd.

Ondertussen werd er aan de borden 1 t/m 4 nog hard gewerkt. Jacques leek moeilijk te staan, maar wist zich los te werken en won gedecideerd. Nico incasseerde weer een fraaie overwinning en zit met 4 ½ uit 5 Dré op de hielen.
Marc heeft vrij goed gestaan in zijn partij, maar maakte in het eindspel een vergissing en kon een vrijpion toen niet meer tegenhouden. Ted speelde secuur en had de stelling in een dodelijke greep, waaruit geen ontsnappen mogelijk was. Ook hij kwam daarmee op 4 ½ punt.

Met deze 1 – 6 overwinning gingen wij – dus uitsluitend over de wegen die er 17 jaar geleden al lagen  – terug naar de Veestallen, waar ons een welverdiend culinair festijn wachtte. De halve hanen hadden nog een tweede helft en de wijnen smaakten voortreffelijk.

We staan stijf op kop met nog twee ronden te gaan en met een modelscore van 10 matchpunten (van de 10) en 30 bordpunten (van de 38). Kortom: er kan nog van alles misgaan, maar er dreigt een kans…


Geheugenzwakte

De avondcompetitie van de NBSB, wat was dat nou ook alweer? Lang geleden, denk ik.
Ik weet nog goed dat we met ons dartele viertal in diverse sportkantines de Nescafé en bessenwijn kwamen proeven, hele gesprekken voerden met de huispapegaai, weg moesten duiken voor pijltjes gooiende inboorlingen en daarna met beperkt succes maar altijd met buitengewoon goed humeur weer op huis aangingen. Het lijkt nu eeuwen geleden.

Wie het ook niet meer zo helder voor de geest stond was Ampie, zodat de ontvangst van de bezoekende teams buiten op de stoep moest plaatsvinden. Dit euvel was gelukkig snel verholpen en in no time stond er een min of meer ordelijke en verwarmde schaakzaal in het beste café van Roosendaal.

Het B-team trad aan zonder captain, want die had een vergeefse sollicitatie lopen bij het A-team, maar zijn coaching vanaf de bar bracht ons team moed en vertrouwen. Dat was nodig ook, want SV Oisterwijk A kwam met een sterk team aanzetten, gewapend met builen shag en een gemiddelde plusrating van ruim 100 punten. Daarbij zaten diverse schakers waartegen we in november met het zaterdagteam in Oisterwijk speelden. Ik mocht tegen dezelfde tegenstander als toen op revanche hopen voor een smadelijke nederlaag.  

De eerste slag viel aan bord 2, waar Suus na een ongelukkige opening al snel de vlag moest strijken. Ondertussen kwam Jacques aan bord 3 vanuit een Caro-Kann met een mooie aanval langs de a-lijn. Zijn tegenstander moest een kwaliteit offeren, terwijl zijn pionnenstelling een ravage was: 1-1.

Nico knutselde gewoontegetrouw aan een mooie stelling met wederzijdse kansen en weinig tijd. Ik kreeg een opening voor me, waarvan de eerste twee zetten me helder voor de geest stonden, maar de rest niet. Desondanks kreeg ik tot twee keer toe de kans om de partij met briljante zetten te beslissen. Ik koos echter voor een variant die rechtstreeks naar remise leidde, ware het niet dat mijn tegenstander een stuk weggaf: 2-1

Nico ging langzaam maar uiterst eervol ten onder tegen zijn 1900+ tegenstander. Niemand verliest graag, maar de slotstelling was buitengewoon fraai. 2 -2

De rode lantaarn in deze competitie gaat naar een ander team, achter in het peloton loeren wij – nog altijd behoorlijk dartel – op een kans om toe te slaan.

Ben Cartens



Net Irene Schouten

Cijfers zeggen niets. Ze kunnen de werkelijkheid zelfs geniepig vertekenen. Zo is het team van Stukkenjagers 7 sterker dan Stukkenjagers 6, zijn spelers met een rating van 0 soms even sterk als   spelers met een eerbiedwaardige, in vele jaren opgebouwde rating en vervliegt de waarde van aandelen en crypto’s bij het minste zuchtje zijwind. Deze en soortgelijke mijmeringen kon men horen voor en na de boeiende match tegen Stukkenjagers 7. Want er werd e i n d e l i j k weer eens serieus gespeeld en onze matadors toonden zich fris en fruitig en leden geenszins onder coronacorrosie. 

De Tilburgers hadden zich ten doel gesteld om met minstens één punt uit Roosendaal terug te keren (het dubbele van het 6e team) en dit doel werd ruimschoots gehaald.
Zij trachtten ons uit het evenwicht te brengen door te verschijnen zonder pennen, notatieformulieren of teamleider en hadden het tactisch vernuft om tegen ons ratingkanon André dezelfde ratingloze speler te zetten als Stukkenjagers 6. Het mocht echter niet of nauwelijks baten:

Marc opende na een uur en drie kwartier spelen de score. Volgens hemzelf een partij die barstte van de fouten aan weerskanten, maar het punt tellen we gewoon. Hans kwam in een gesloten stelling waar een Winnende Wandelkoning sierlijk voor zijn pionnen uitliep en het pleit beslechtte: 2-0.
Dré verpletterde zijn tegenstander min of meer vanuit de opening en mocht met een dame meer het punt incasseren. Hij scoorde daarmee vier uit vier, hetgeen helaas niet in rating vertaald zal worden.
Suus won een stuk, maar moest daarna wel twee centrumpionnen teruggeven. Hij wist echter snel alles af te ruilen en kon de vijandelijke pionnen opvegen. Ik bereikte aan het zesde bord een klein voordeel en wist dat tegen mijn gewoonte in vast te houden. Toen ik krap in mijn tijd kwam te zitten, kreeg ik de gelegenheid om de vijandelijke stelling in één keer op te blazen.
5-0 dus en de kurk kon van de fles.

Aan het eerste bord was Ted ondertussen in een moeilijke stelling terecht gekomen met een toren tegen twee lopers en het zag er niet goed voor hem uit. Aan het achtste bord kwam Pieter ondertussen met twee pluspionnen uit de verwikkelingen tevoorschijn. Maar als je even niet oplet is alles weer anders: Ted goochelde er op een of andere manier toch nog een remise uit en Pieters  voordeel verPieterde tot een gelijke stelling, ook remise en dus 6-1.

Er restte nog één partij, uiteraard die van onze bedachtzame Nico die kalm als altijd aan een degelijk opgezette partij werkte. Terwijl aan de bar het feest al in volle gang was, de soep al op stond en er nog enkele kubieke meters carnavalskranten de deur uit gingen, gebruikten beide spelers de maximale speeltijd, om na wat mindere zetten toch op remise uit te komen.

RSG 1 – Stukkenjagers 7:     6 ½ – 1 ½   We gaan op kop in de competitie, los van het peloton. Wie alleen op het uiterlijk afgaat zal de vergelijking ontgaan, maar wij vonden onszelf sterk op Irene Schouten lijken: kracht, souplesse en een winnaarsmentaliteit.
Al weten wij niet zeker of zij na afloop van haar wedstrijden ook breed uit eten gaat bij Ampie. Ampie zwijgt daarover.