Over koeien en ansjovis gesproken

Als koeien die voor het eerst weer de wei in mogen: Nico deed het nog even voor met enkele bevallige danspassen. Zo voelde het inderdaad. Na vele maanden droog gestaan te hebben weer voor het echie spelen tegen teams uit Vreemde Mogendheden.

Wat hadden we in tussentijd ook alweer gedaan? Een paar uur per dag op chess.com? In talloze vluggertjes steeds dezelfde fouten maken? Serieuze openingsstudie? Yoga, Mindfulness, een Ayahuascaceremonie?

In het Markiezaat hadden ze – tussen het weervissen en met een gordijn op het hoofd rondhossen – anderhalf jaar besteed aan een scherpe aanpassing van de opstelling van hun B (?) team. Helemaal toegesneden op de tegenstander was er een overschot aan ratingpunten gemobiliseerd, met een concentratie daarvan aan het vierde bord, omdat hen uit analyse van eerder wedstrijdverslagen was gebleken, dat daar de echte strijd gestreden wordt.
Deze strategische meesterzet van de Bergenaren werd door onze captain gecounterd met het buiten de ploeg houden van zichzelf en het uitlenen van Nico (erkend krabbenvreter) aan het A-team.

Aan het eerste bord leende Dré een pionnetje uit aan zijn tegenstander. Hij wist dat even later terug te veroveren en dit leidde tot een eervolle remise. Aan het tweede bord deed Jacques daar wat langer over in een scherpe partij met wederzijdse kansen, maar het halfje was niet minder eervol. Wouw ligt halverwege Roosendaal en Bergen dus dat is logisch eigenlijk, je gaat het pas zien als je het doorhebt.

Suus had het zwaar te verduren aan het derde bord. Aanhoudende dreigingen langs de 7e en 8e rij werden hem uiteindelijk fataal. Maar achteraf bleek, dat hij minstens gelijk en in hogere zin eigenlijk  gewonnen had gestaan.
Gelijk de eerdergenoemde koeien huppelde ik aan het vierde bord mijn ondergang tegemoet. Mijn X-factor is aanzienlijk, maar onvoldoende om zo’n 500 ratingpunten verschil te compenseren. In een stelling die bekend is uit Fischer’s Random Chess hield ik nog wel enige tijd stand, maar werd uiteindelijk gefileerd. Zo doen ze dat met ansjovis ook…

RSG B – BSV 2   1 -3 : Gezien het krachtsverschil wel degelijk een goed resultaat.

Ben Cartens

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *